8 OKTOBER 2011
Onbehaaglijk mooi

Beeldende kunst

De leukste vondst van Meer Licht hangt direct in de eerste zaal. Aan de ene wand hangt Wolken en water, een zon- en zeegezicht van William Turner uit de negentiende eeuw, aan de andere Portrait of the Artist as a Mountaineer, een fotoportret van kunstenaar/avonturier Guido van der Werve uit 2011. De Turner is kolkend, gloedvol, met verf die lijkt te gloeien. De Van der Werve is hel en bleek, als belicht door een externe bron. Raak. Met één simpele combinatie worden twee eeuwen geschiedenis overbrugd én wordt een sluimerende kunsthistorische traditie blootgelegd.

Die traditie betreft 'het sublieme', een glibberig begrip dat tweeduizend jaar geleden door een Griekse filosoof werd gemunt en er tot op heden niet in is geslaagd een duidelijke betekenis te krijgen. Het heeft te maken met schoonheid. Maar ook met gevaar. En overweldiging. En natuurbeleving. Stelt u zich een berggezicht van Caspar David Friedrich of een monochroom doek van Mark Rothko voor - zoiets dus. Het fenomeen kent een opleving. Talloze kunstenaars (Olafur Eliasson, Anish Kapoor, Hans op de Beeck) maakten recentelijk sferisch, etherisch werk waarin je je makkelijk kunt verliezen. Hans den Hartog Jager, schrijver en kunstcriticus voor NRC Handelsblad, stelde nu voor Museum de Fundatie in Zwolle een groepstentoonstelling samen over het fenomeen.

Die tentoonstelling is uitmuntend: intelligent gekozen, elegant geïnstalleerd en bij tijd en wijle behoorlijk overweldigend.

Als begrip vat Den Hartog Jager het sublieme ruim op. Hij vindt het in aloude romantische noties en archetypen, maar ook in een breder gevoel voor avontuur, ontbering, menselijke nietigheid. Onherbergzaamheid lijkt belangrijk. Gevaar ook. Van Spencer Finch' uitdovende sterren tot Miroslaw Balka's huppelende hertjes in Auschwitz, steeds wordt de schoonheid ondermijnd door een gevoel van onbehagen.

Dat onbehagen zit ook in het beste werk van de tentoonstelling: David Claerbouts Long Goodbye uit 2007. Een moderne klassieker: de film duurt sl echts veertien minuten en bestaat maar uit één enkel (getrukeerd) shot, maar is waarachtiger dan menige blockbuster. Hij begint in close-up: een vrouw tilt in slowmotion een servies naar buiten. Ze is onweerstaanbaar, fijn gezicht, mooie neus, prachtige borsten. Als de camera uitzoomt verschijnt de omgeving: een terras, een Italiaanse villa, wuivende boomtoppen. Langzaam wordt het huis donkerder, uiteindelijk is er enkel nog een silhouet te zien, dan: duisternis; dan: niets. Wat wordt hier verbeeld? De dood, schrijft Den Hartog Jager. Ouderdom, denk ik, een klein, maar niet onbelangrijk verschil. Long Goodbye toont de werking van het geheugen, hoe het vervormt en verdicht. Een pijnlijk proces, zeker, maar ook fonkelend en magisch, inderdaad: subliem.

‘Meer licht’, Museum de Fundatie, Zwolle, t/m 8 januari 2012

Hans den Hartog Jager, ‘Het sublieme. Het einde van de schoonheid en een nieuw begin’, Atheneum - Polak & Van Gennep, 182 p., € 19,95